Het was een regenachtige dag in Dordrecht. Niet alleen was er weinig publiek bij het proces van de FIOD-ECD tegen Matt Hoorn, ook Matt was weer eens niet op komen dagen. Hij had gefaxt om aanhouding van de zaak omdat hij zijn advocaat wederom niet betaald had. Matt is consequent wat dat betreft maar natuurlijk honoreerde de rechtbank de zoveelste aanhouding van Matt niet. De rechtszaak ging dus gewoon door zonder Matt zoals beloofd. Matt mag blij zijn met zulke goede vrienden want hier is ons rechtbankverslag.
Het is niet mis waar Matt van beschuldigd wordt. Het belangrijkste is dat er in 2004 twaalf facturen zijn gedeclareerd door het toenmalige bedrijf van Matt Wish2 in opdracht van Fisser Interim Management Services. Deze facturen zijn echter volgens Fisser nooit opgesteld zijn en ze zijn ook door de FIOD-ECD niet aangetroffen bij Fisser. Het gaat om een niet gering bedrag van ruim 246.000 euro management fee en kantoorkosten. Deze facturen zijn door Matt Hoorn wel opgegeven in zijn belastingaangifte.
Matt kan zich daar zelf niets meer van kan herinneren hoewel zijn digitale handtekening onder de belastingaangifte staat. De officier van justitie mag Matt dit natuurlijk niet kwalijk nemen. Door de kanker zijn zijn hersenen waarschijnlijk aangetast. Er zijn echter bij de inval door de FIOD-ECD digitale sporen op de pc van Matt aangetroffen waardoor duidelijk is dat Matt de belastingaangifte zelf heeft ingevuld en ondertekend. Bewijs genoeg dus.
Uiteraard geeft Matt zijn toenmalige partner de schuld. Die heeft zich echter per 30 april 2004 teruggetrokken uit Wish2 zodat hij hier niet voor aansprakelijk gesteld kan worden. Dit wordt bevestigd door de bankier van Wish2. Wish2 was een onderdeel van Mr. Media Beheer. Mr. Media Beheer was weer onderdeel van de Masada Beheermaatschappij, wat weer onderdeel was van de Masada Holding. De eigenaar van de Masada Holding is, hoe kan het ook anders, Matt Hoorn.
De officier acht bewezen dat Matt 130.000 euro belastinggeld heeft onttrokken aan de Staat. Hij heeft het belastingsysteem in de kern geraakt en hierdoor vertrouwen geschaad. Daarbij heeft Matt de belastingbetaler en bonafide ondernemers op extra kosten gejaagd door zijn dubieuze gedrag.
Omdat Matt weigert een correspondentieadres op te geven en omdat hij al meerdere malen niet is op komen dagen eist de officier van justitie geen werkstraf. De eis is dus zes maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf en zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De uitspraak is op donderdag 26 juni om 13:15 uur maar het ziet er naar uit dat de rechtbank de eis van de officier van justitie inwilligt. Fijne vakantie Matt!
